Alberobello is het stadje van de trulli: witgekalkte huisjes met kegelvormige daken van gestapelde grijze stenen, waarvan er hier zo'n vijftienhonderd bij elkaar staan. Het ligt in de Valle d'Itria, op ongeveer 55 kilometer ten zuidoosten van Bari, en staat sinds 1996 op de Werelderfgoedlijst van UNESCO als uniek voorbeeld van deze eeuwenoude droge bouwtechniek.
Voor de meeste bezoekers van Bari is Alberobello dé dagtrip bij uitstek, en het is inderdaad een sprookjesachtig gezicht. Tegelijk is het eerlijke verhaal dat het centrum behoorlijk toeristisch is geworden, met souvenirwinkels in bijna elke trullo. Met een slimme planning en een wandeling naar de stillere wijk zie je echter nog steeds waarom deze plek wereldberoemd werd.
Wat zijn trulli precies?
Trulli zijn traditionele huisjes uit de Valle d'Itria, gebouwd zonder cement met dikke kalkstenen muren en een kegeldak van gestapelde platte stenen, chiancarelle genoemd. De bouwwijze zou mede zijn ontstaan omdat huizen zonder mortel snel afgebroken konden worden bij belastinginspecties. Veel daken dragen witgeschilderde symbolen, van kruizen tot magische tekens, en een stenen piek als bekroning. In Alberobello staan de grootste aaneengesloten trulliwijken ter wereld, maar je ziet losse trulli in het hele landschap tussen Bari en Ostuni.
Rione Monti of Aia Piccola: waar ga je heen?
Rione Monti is de bekendste wijk, met ruim duizend trulli tegen een heuvel, en tegelijk het meest commerciële deel: vrijwel elke trullo is er winkel, proeverij of bar. Kom hier voor het iconische uitzicht vanaf het terras bij de kerk Sant'Antonio, zelf een trullokerk. Aia Piccola, aan de andere kant van het centrum, is kleiner en nog grotendeels bewoond; hier hoor je je eigen voetstappen en zie je hoe mensen echt in trulli leven. Bezoek ook de Trullo Sovrano, de enige trullo met een echte verdieping, ingericht als woonmuseum. De straten en wijken zelf zijn gratis toegankelijk.
Hoe kom je er vanuit Bari met de trein?
Vanuit Bari Centrale rijdt de regionale trein van Ferrovie del Sud Est, de FSE, naar Alberobello; reken op ruim anderhalf uur reistijd, soms met een overstap in Putignano. De FSE vertrekt van eigen sporen aan de zuidzijde van het station, dus volg de borden Ferrovie del Sud Est. Let op: op zon- en feestdagen rijden er vaak geen of nauwelijks FSE-treinen en word je verwezen naar vervangende bussen, dus plan de trip bij voorkeur op een doordeweekse dag en check de actuele dienstregeling vooraf. Met de auto ben je er in ongeveer een uur; parkeren kan betaald aan de rand van het centrum.
Wanneer ga je en hoeveel tijd heb je nodig?
Een halve dag ter plekke is genoeg voor Rione Monti, Aia Piccola en een lunch, dus met de reistijd erbij is Alberobello een comfortabele dagtrip. Ga vroeg: voor 10 uur en na 17 uur heb je de steegjes redelijk voor jezelf, terwijl er midden op de dag touringcars en groepen arriveren. Het late middaglicht op de witte kegeldaken is bovendien het mooist voor foto's. Wie wil, combineert Alberobello met het nabijgelegen Locorotondo of Martina Franca voor een rustiger beeld van de Valle d'Itria.
- Afstand vanuit Bari: circa 55 km, FSE-trein in ruim 1,5 uur
- UNESCO-Werelderfgoed sinds 1996, circa 1500 trulli
- Rione Monti voor het uitzicht, Aia Piccola voor de rust
- Op zondag rijdt de FSE beperkt: ga bij voorkeur doordeweeks
